ga naar de website

"VEI LOU QUÉRI" in de Creuse - Limousin
Chambres en Table d'Hôtes en Gîte
"CHEZ MÉMÉ DELPHINE"

3, Route du Geay    
23220 Moutier-Malcard    
Frankrijk    
Tel. 0033 555 806608    
corrieron@wanadoo.fr    

Nieuwsbriefje no. 1 - december 2002

Lieve lezers,

Het is al weer 5 maanden geleden dat jullie onze eerste nieuwsbrief kregen. Ik had het plan er elke 3 maanden een te schrijven, maar dat kwam er deze keer in ieder geval niet van. Druk, druk, druk. Nee hoor, dat is maar gekheid, dat was immers juist een van de redenen waarom we Nederland verlieten, om dat nooit meer te hoeven zeggen. We leiden nog steeds een relaxed leven, hoewel onze dagen goed gevuld zijn met van alles en nog wat en we de zomermaanden flink bezig gehouden zijn, waarover later. We zitten tegenwoordig gewoon ‘s avonds samen voor de buis, iets wat vroeger nooit voorkwam en laat dat nou ook nog gezellig zijn.......... En ja, dankzij onze schotelverbinding kunnen we nog genieten van wat er in Nederland bijvoorbeeld in de politiek allemaal voor “moois” aan de hand is. We rollen van de ene verbazing in de andere. Gaan jullie in januari a.u.b. weer op de goede partij stemmen?

Maar, laten we beginnen bij waar ik de vorige keer gebleven was. Allereerst bedankt voor alle leuke reacties naar aanleiding van die vorige keer. Het is fijn te horen dat jullie mijn schrijverstalenten wisten te waarderen. Die zijn overigens ook aanleiding geweest om mij te vragen artikelen te gaan schrijven over mijn Marokkoreizen en de Creuse in het reisblad Voyager, wat ik natuurlijk graag zal doen. Een van de redacteuren van dat blad heeft zelf dankbaar geput uit mijn nieuwsbrief voor een artikel over ons in het september/oktobernummer van het blad Maatschappijbelangen van de Nederlandse Maatschappij voor Nijverheid en Handel waar ik in Nederland lid van was. Compleet met een foto van mij op de voorpagina. In bijlage stuur ik een scan van het artikel mee. Leuk hè en goede reklame, want naar aanleiding van dat artikel hebben we al verschillende reacties gehad (nogmaals bedankt Reint).

Inmiddels probeer ik zelf ook bij een bekend landelijk dagblad columns/cursiefjes te slijten over ons wel en wee op het Franse platteland. Ik houd jullie over eventuele publicaties op de hoogte.
In Frankrijk heb ik mijn eerste publicatie al achter de rug. Onze gemeente heeft een kwartaalbulletin, “Quoi de neuf au pays”, waarin ik een pagina heb gevuld om ons voor te stellen, onze plannen uiteen te zetten en met de bedoeling daar een serie van te maken. Dat is door de plaatselijke bevolking enthousiast ontvangen. Uiteraard heeft de secretaresse van onze burgemeester mij geholpen door er echt Frans van te maken.  Overigens heet ze ‘secretaresse’, maar het is al niet anders als bij vele Nederlandse secretaresses. Volgens mij runt ze het hele gemeentehuis en alle gemeentezaken, is ze vraagbaak voor allerlei andere overheidskwesties en stuurt ze niet alleen het gemeentepersoneel (3 à 4) aan, maar ook de burgemeester zelf.

Ik bejubelde de vorige keer de natuur in het voorjaar. De zomer was anders, maar even zo prachtig, om over de herfst nog maar te zwijgen. We hadden blijkbaar een slechte zomer, te koud en te veel regen, maar wij vonden dat nogal meevallen. We hebben het grootste deel van de zomer toch wel buiten geleefd. Ron heeft zo’n beetje alle 40 luiken grondig geschuurd en geverfd en dus ook zo’n 20 ramen, de gevel aan de straatkant (samen met z’n broer en diens zonen) schoongemaakt en in de grondverf gezet en honderdduizend (zoals hij zelf zegt) andere kleinere klussen. Ik deed “mijn” werkzaamheden ook zoveel mogelijk buiten en zat dus bijvoorbeeld met naaimachine, verlengsnoer en al buiten aan de grote tuintafel gordijnen te vermaken.  Fatsoeneerde de tuin weer verder (de rest komt volgend voorjaar) en verzorgde vooral de vele gasten die we al hebben gehad,  waarover dus later. Het is - ondanks die zogenaamde slechte dagen - een aantal dagen zo warm geweest dat zelfs ik binnen bleef, mét de luiken dicht. We beseffen nu waar die dingen goed voor zijn. Je hebt er wat schilderwerk aan, maar ‘s zomers houd je er de warmte mee buiten en ‘s winters binnen. We beperken ons overigens bij het gebruik van die luiken nog maar tot de kamer en keuken, dat zijn er al 10, want anders zijn we elke dag een uur bezig om ze te openen en te sluiten, hetgeen we ervaarden toen we een paar dagen weg gingen.

M’n kruidentuin was geen overweldigend succes. Net toen ik gezaaid had, werd het voor de tijd ontzettend koud en er kwam dus alleen dille, koreander, kervel, blauw maanzaad (maar daar heb je niet zoveel aan) en peterselie op. En ik had wel 15 soorten gezaaid. Later in het jaar heb ik het nog een keer geprobeerd en toen kwamen weer alleen dezelfde soorten op en een beetje bieslook. Gelukkig kan ik de slechte zomer de schuld geven, maar ik denk dat ik nog veel moet oefenen en binnen moet gaan voorzaaien. Voor de tomaten en pepers bleek ik ook te laat (ik oogstte er 5 van beide soorten) en het volgend jaar koop ik hier gewoon plantjes op de markt, dat is volgens mij veel simpeler en sneller. Overigens verdween de helft van deze plantjes door toedoen van hagedissen. Het duurde even voordat ik dat doorhad, maar die beestjes blijken dat jonge spul heerlijk te vinden. En we hebben nogal wat van dat gedierte.
Ik geef de moed echter nog niet op en heb het tuintje (
" 6 m2) inmiddels eigenhandig gespit, zoals ik dat vroeger mijn vader in onze moestuin zag doen. En ik heb er zelfs geen rugpijn van gekregen. Een deel ervan heb ik opgeofferd aan aardbeiplantjes die ik van mensen uit het dorp kreeg.

We hebben wel goed geoogst van onze fruitbomen. Kersen, pruimen, peren, appelen, hazel- en walnoten. Daarnaast werden we bedolven onder het fruit van onze buren en andere mensen uit het dorp. De fruitoogst was dit jaar gigantisch. Het begon dus met kersen, daarover vertelde ik al de vorige keer. Maar we hebben hier verschillende soorten kersen, die allemaal na elkaar dragen. En toen kwamen de pruimen (ook verschillende soorten), perziken, nectarines en een kruising van die twee laatste. En later weer de appelen, peren en tot slot de hazel- en walnoten. De oogst ging dus de hele zomer en een deel van de herfst door. Gelukkig hadden we veel meeëtende gasten, die er allemaal van konden meegenieten. Taarten, toetjes, jams, sauzen, in de alcohol, in de vriezer, uit het vuistje, in de sla, in de soep, ......., wat je allemaal niet met fruit kan doen (en wie heeft er nog meer suggesties). We konden op het laatst geen fruit meer zien en er is dus in het dorp veel fruit gewoon blijven hangen of verrot omdat er veel te veel was. We kregen het met elkaar niet aangegeten. Deze fruitoogst en de hoeveelheid gekregen groentes heeft ons wel geleerd dat we voor volgend jaar een vriezer moeten aanschaffen én ik ga volgend jaar wekken. Dat doet iedereen hier nog en de attributen zijn dan ook nog gewoon in de winkel te koop (wie weet nog hoe het moet?). Onze overbuurman bijvoorbeeld koopt - op de dagelijkse pain na - nooit iets in de winkel op het gebied van eten en drinken. Hij maakt onder meer groenten en fruit in, maakt patés, cider en eau de vie en heeft verder kippen (we kregen een kleintje van “maar” 3 kg, nee het was geen kalkoen) in allerlei soorten en maten en ganzen. 5 schapen en hun lammetjes en stopt een deel daarvan in de vriezer, geslachte wel te verstaan. Zover zal ik wel niet komen (vooral dat vlees staat me wat tegen), maar aan een deel daarvan wil ik me wel wagen.

Oh ja, en dan de zorgjes van de vorige keer: ik heb een kapper gevonden. In La Châtre en hij (ja, het is weer een hij)  noemt zich geen coiffeur, maar een créateur des coiffures, dus dat zit wel snor. Hij weet in ieder geval wat ik wel en niet wil, heeft ook zijn eigen mening en heeft me inmiddels drie keer een snel hoofd gegeven.

De extra kilootjes zijn eraf. En daar was niet eens een wandelreis in Marokko voor nodig. Op een gegeven moment stabiliseerde het zich gewoon weer en begon ik spontaan weer af te vallen tot mijn normale proporties. En ik heb er toch niet minder om gegeten, want wat al die gasten aten, moest ik natuurlijk zelf ook proeven. Maar het bereiden ervan - volgens Ron stond en sta ik hele dagen in de keuken - vergt dus blijkbaar ook nogal wat energie.

De computer doet het nog steeds prima, hoewel ik nog wel een conflict tussen een Nederlandstalige en Franstalige versie van Outlook heb moeten laten oplossen. Binnenkort verdwijnt mijn Nederlandse e-mailadres en kunnen jullie massaal gaan mailen naar.............

Zal ik het dan toch eerst maar eens over die gasten hebben? Wat een mensen hebben we al mogen ontvangen. Vrienden, vrienden en familie van vrienden, familie en familie en vrienden van familie, vroegere bijnaburen, voormalige zakelijke relaties, bazen en opdrachtgevers, uitlaatkennissen en daar weer vrienden van en ook nog “gewone” passanten, Nederlanders, Fransen en zelfs een stel uit Spanje. Van een tot meerdere nachten, tot zelfs 10 toe. En vrijwel allemaal dineerden ze in La Maison de Corrie et Ron. Na de vorige nieuwsbrief begon het half juni met de rijkste boer uit de Achterhoek (toch, Gerard?) met vrienden en de grootste installateur uit het Westland (toch, Coert?) en dat bleek een gezellige combinatie. En zo ging het maar door tot de laatste week van september. We hadden regelmatig drie kamers vol. De eerste officiële boekers (al in 2001) sloten met z’n zessen ons toeristenseizoen af met een wandelweek op basis van volpensioen. We mochten af en toe meelopen dus dat was ook voor ons genieten.

Ik heb het allemaal eens opgeteld. Als je uitgaat van personen, hebben we ruim 200 nachten gasten gehad en dus ook zo’n 200 3 à 4 gangenmaaltijden geserveerd. Het was een aardig stagejaar, kun je dus wel stellen. Oh, enneh we hebben ook nog 2 maanden een stagiair in de kost gehad van een fabriek in de buurt. Het was een aardige jongen, maar dat bleek toch te veel inbreuk op de privacy geven en we waren dan ook blij toen hij in een naburig dorp een appartementje had gevonden.

Toen begin van de zomer bleek dat het zo storm zou lopen, hebben we dus ook de verbouwing maar uitgesteld. Dat viel niet meer tussendoor te plannen zonder al te veel overlast voor de gasten te veroorzaken. Hadden we al een kamer goed ingericht, we hebben toen ook nog maar twee andere kamers in gereedheid gebracht. Weliswaar zonder behang, maar met goede bedden en goede voeding.

Tussendoor hebben Ron en Kanjer zich ook nog diepgaand geïntegreerd in de medische zorg in Frankrijk. Om bij ons blafkind te beginnen, na haar gebroken poot in april, wilde de achterkant maar niet echt meer mee. Ze had zichtbaar pijn en kon soms nauwelijks overeind komen. Iedereen dacht aanvankelijk aan nog een gevolg van die gebroken poot, maar het bleek toch artrose te zijn. Tja, dat heb je als dames oud worden. Maar toen ze ook nog incontinent werd (en niet zo’n beetje), kregen we het toch wel benauwd. Ze ging hard achteruit. Ik was echt bang dat ze de herfst niet meer zou halen. Vanaf augustus heeft ze pillen voor die artrose en krijgt ze dagelijks pijnstillers. Gelukkig levert onze voormalige dierenarts de medicijnen voor een vriendenprijs (ook jij bent een kanjer, Wim) en zorgen Janny & Joop voor het transport (en jullie niet minder).  En de oude dame is intussen weer helemaal bij de mensen. Gelukkig maar, we zijn tenslotte niet voor niets naar het platteland verhuisd......  We lopen nog dagelijks een grote en een kleine ronde (waarover later meer) en als we een meerurige wandeling maken, loopt ze lekker mee. De reeën en ander wild laat ze echter na een sprintje van 100 meter toch maar gewoon gaan.

Met Ron ging het niet veel beter. Eigenlijk heeft hij zich de hele zomer met vlagen erg beroerd  gevoeld. Hij had al maanden klachten. Toen hij ook nog gigantische pijn in z’n knie kreeg, ging hij uiteindelijk naar de dokter, die hem voor beide direct doorstuurde naar het ziekenhuis. Het bleek een meniscus, waaraan hij in september is geopereerd. Het ander was een zeer vervelende ontsteking in de endeldarm waarvoor hij tot april medicijnen moet slikken. Kort na het starten van die medicijnen werd hij met vlagen erg beroerd, we dachten aan bijwerkingen. Toen hij op een zondag in bed bleef voor een “griep”, kreeg hij ‘s avonds opeens meer dan 40 graden koorts. De voor advies geraadpleegde dokter kwam spoorslags langs en stuurde Ron evenzo spoorslags naar het ziekenhuis. In verband met die endeldarmkwestie was er gevaar voor een shock of nog erger. En daar ging Ron om 9 uur ‘s zondagsavonds, met de ambulance naar het ziekenhuis. Terwijl wij zelf nog zo iets hadden van “is dit allemaal niet een beetje overdreven”, was de hele buurt in rep en roer. Om half 10 had ik alle buren in de keuken, een en al bezorgdheid. De een bood aan bij me te slapen, een ander wilde me de andere morgen naar het ziekenhuis rijden, nog een ander bood aan haar (bijdehande) zus te bellen voor hulp en advies. En de andere morgen om 9 uur waren ze weer allemaal present. Kortom, een en al meelevendheid van de ouwetjes. Vooral toen hen duidelijk werd dat we die dag ook nog 2 paar gasten zouden krijgen voor een of meerdere nachten, gevolgd door nog 4 andere stellen die week. Ach, het was even aanpoten, maar we hebben het gered (en, dat fietsen houd je tegoed, Willem).

Ron bleek voor de medici een raadsel. Zo was hij weer de oude en dacht hij naar huis te mogen, zo werd hij weer hondsberoerd. Uiteindelijk is hij na 3 dagen toch ontslagen en moest hij van hier uit nog allerlei onderzoeken ondergaan, allemaal negatief. Uiteindelijk kreeg zijn  behandelend specialist een helder moment door aan de ziekte van Lyme (die je oploopt door teken) te denken. En ja hoor, een bloedtest wees uit dat Ron inderdaad de ziekte van Lyme onder de leden had. Een kuur van 10 dagen pillen gaf eigenlijk direct soelaas. Sindsdien voelt hij zich prima. Hoewel, na die tijd brak er ook nog een tand af (ook hij wordt oud) en vorige week moest hij nog in het ziekenhuis een fikse splinter uit z’n duimgewricht laten verwijderen. Jullie begrijpen dat het ziekenhuis intussen de rode loper uitlegt als Ron arriveert.
Over de medische zorg in Frankrijk zijn we erg te spreken (schijnt ook het beste te zijn in Europa). Niks niet wachtlijsten, niks niet afspraken om de 10 minuten en/of over 3 maanden kunt u terecht, niks niet met 3 man tegelijk in wachtkamertjes bij de specialist. Hier zit zowel de huisarts als de specialist gewoon een half uur of meer met je te babbelen. En dat is niet omdat wij buitenlanders zijn of anderszins een voorkeursbehandeling krijgen.

Gelukkig was er tussendoor ook nog tijd voor feesten. In ons eigen dorp wel te verstaan. Het begon op 15 juni met het Feu de St. Jean. Ik ben er nog niet achter wat precies de aanleiding is, maar er was in ieder geval een brandende boom en “buffet et buvet et bal gratuit”, oftewel een openluchtbar met bier, wijn en fris en een feesttent met dansvloer en muziek. De hele gemeente was er, jong en oud, aan de bar en op de dansvloer. Ik heb me uiteraard ook danig op de dansvloer geweerd, onder meer met de meest begeerde (maar niet heus) vrijgezel van het dorp (de lokale solexcoureur en als zodanig veelvuldig kampioen), de lokale mannelijke jeugd en de oudere heren én dames. Ik heb sindsdien bij jong en oud m’n reputatie als “vrai danseuse” gevestigd én ik krijg ter begroeting minimaal 2, maar vaak 4 kussen van diezelfde jeugd. Een uitleg over de begroetingsceremoniëlen volgt later.

Na de 24 uur van buurdorp Nouzier (zie nieuwsbrief 1), hadden we op 7 juli dan eindelijk onze 6-uurs solexrace van Moutier, waar heel solexrijdend Frankrijk op af komt. Voorafgaand door een kruiwagen- en een steprace op 6 juli. Twee uithoudingsproeven, waar niet alleen dorpsgenoten aan meedoen, maar ook de ploegen die meedoen aan de solexrace, waarbij het de bedoeling is dat binnen twee uur zoveel mogelijk rondjes worden gereden op een step en met een kruiwagen (met iemand er in), waarbij ploeggenoten elkaar aflossen. Ik geef het jullie te doen. We hebben beloofd volgend jaar wel mee te draaien in de organisatie, maar dat we die races aan ons voorbij zullen laten gaan.  De belangstelling voor de race op zondag was overweldigend en het was reuze gezellig, mede door dezelfde openluchtbar, onze overbuurman die pannenkoeken bakte én onze gast Ad. Al dan niet door mij geïnspireerd, werd onze plaatselijke favoriet natuurlijk weer eerste met een hoogst gemeten snelheid van 130 km per uur (hoezo Solex).

Op 14 juli vierde het dorp uiteraard de bestorming van de Bastille. Groot feest, compleet met bloemencorso (3 praalwagens met papieren bloemcreaties), de fanfare, een volksdansgroep uit het dorp en een groot showballet en zanger elders uit Frankrijk (en nog goed ook), een klein kermisje voor de kinderen, michoui (schaap aan het spit) en frites met kaas en perzik toe,  natuurlijk bal gratuit en afgesloten met vuurwerk, hoewel het daarna nog tot in de kleine uurtjes doorging. En dat allemaal voor een gemeente van zo’n 500 inwoners. Wie doet ons dat na. Het was hartstikke gezellig.
Vermeldenswaard was ook nog een grote vee- en gewone markt in Bonnat (
8 km bij ons vandaan).

Overigens wordt er - vooral ‘s zomers - vrijwel elk weekend en vaak ook nog door de week overal van allerlei georganiseerd. Aardappel-, tomaten- en appeldagen bijvoorbeeld, tentoonstellingen, wandelingen (we hebben met onze laatste gasten weer een beker verdiend), markten van allerlei aard. Te veel om op te noemen. Er verschijnt zelfs twee maal per jaar een boekwerk “Limousin (onze provincie) en fête”, waarin per dag al die happenings worden vermeld. En dan wonen wij ook nog dicht bij de Indre, waar hetzelfde geldt. We hoeven ons dus niet te vervelen en bovendien is het vaak ook nog heel leerzaam. Tijdens die appeldagen werden bijvoorbeeld alle appelrassen met alle bijzonderheden uit de streek geshowd (en dat zijn er heel wat) en hoe je appelcider en eau de vie en andere appelproducten maakt.
Het leuke van al die evenementen is dat het echt bestemd is voor en bezocht wordt door de lokale en regionale bevolking en dat het niet wordt opgezet als toeristische trekpleister.

En nu zitten we middenin de verbouwing. Half oktober zijn verschillende aannemertjes begonnen met het plaatsen van een nieuwe verwarmingsketel annex boiler, het optimaal maken de elektrische installatie, riolering e.d. het bouwen van 3 en het renoveren van 2 badkamers, het maken van een nieuwe hoofdingang, het verbouwen van ruimtes tot bijkeuken, gastenruimte en -bibliotheek, enz. Aanvankelijk verliep alles heel voorspoedig en liep men zelf voor op het schema. Inmiddels stagneert het wat door de elektricien/loodgieter die blijkbaar teveel werk heeft aangekomen en dus van hot naar her rijdt met z’n mensen, wat de efficiency nou niet bepaald ten goede komt. Hij roept nog steeds dat we ons niet ongerust hoeven te maken en dat zijn deel eind van dit jaar klaar is, maar daar geloven we niets van. Nou ja, we hebben nog de tijd, maar dat vertellen we hem natuurlijk niet. Alleen hij doet eer aan de beruchte Franse slag, zijn collega-aannemers zijn uit een ander hout gesneden en proberen ons zo goed mogelijk tussendoor verder te helpen. We hebben besloten ons er niet druk over te maken, maar dat valt soms niet mee.
Uiteindelijk wordt het allemaal prachtig, daarvan zijn we overtuigd, en ik loop te popelen om daadwerkelijk te gaan inrichten.

Als alles klaar is, kan er ook een folder en website worden gemaakt. De tekst heb ik al geschreven, maar ik wil er ook graag van de kamers e.d. op. Uiteraard ontvangen jullie bericht als ook dat geregeld is.

We zijn ook uit de naam. Op het laatst ging het om La Passerose of Veï Lou Quéri. Het is de laatste geworden. We hebben onze keuze uiteindelijk door de Fransen laten bepalen en die bleken helemaal niets te begrijpen van La Passerose. Veï Lou Quéri vonden ze allemaal prachtig. En ja, spijtig voor de aandragers van de eerste naam, we moeten het ook hebben van Franse gasten en daarvoor een aansprekende naam hebben. Overigens zal er wel een verband zijn met die Passerose, maar dat zullen alleen diegenen ervaren die bij ons op bezoek komen..................

Lopen doe ik ook nog veelvuldig met de hond en tijdens die wandelingen maak ik de leukste dingen mee. Inmiddels ben ik voor een aantal mensen een soort vast moment van de dag geworden (hoewel m’n rondes dagelijks wisselen). Zo wonen er nogal wat (stok)oude dames alleen en vaak afgelegen. Als ik daar langs kom, vliegen (voor zover dat nog gaat als je oud bent) ze naar buiten voor een praatje en krijg ik vaak wat mee (honing, groenten, fruit). Er is ook nog een oude baas die me van alles over de streek en z’n bewoners vertelt en vaak boeken over de streek te leen meegeeft. De rondes beginnen altijd met mijn buurvrouw en -man ter rechterzijde. Afhankelijk van welke route ik loop babbel ik wat rond hier en daar. Eindigen doe ik eigenlijk altijd met mevrouw Barrat van 92 die mij en de hond smoort in haar omhelzingen. Ze is lichtelijk de weg kwijt en afhankelijk van haar stemming moet ik haar troosten omdat ze genoeg heeft van het leven en dat niemand haar wil zien of we giechelen samen wat over van alles en nog wat. Ik moet haar in ieder geval altijd vertellen waar ik nou woon (om de hoek). En dan is daar vrijwel altijd goeie ouwe Roger, onze buurman ter linkerzijde, waarmee de ronde wordt afgesloten. Nog even en ik word samen met de postbode de mantelzorg (wie zou dat fraaie woord toch verzonnen hebben) en sociale controle van de alleenstaande dames en heren in de buurt.

De begroetingen zijn hier een verhaal apart. Zwaaien doet iedereen. Vooral de heren geven eigenlijk altijd een hand. Onze buurman stopt er zelfs voor als hij met de auto langsrijdt. Gek genoeg schudden de vrouwen veel minder handen. Ik moet toch eens vragen waarom. Ben je wat meer bekend met elkaar, dan krijg je twee zoenen en geen hand meer (dat laatste is even wennen in het begin), ben je echt vrienden geworden (of 92 en dement), dan worden het er vier. Dus nooit drie, zoals er in Nederland te pas en te onpas gegeven worden!

Voor het overige integreren we hier ook maar door. Inmiddels hebben we de eerste voorlichtingsavond van de gemeente bijgewoond, waarin de burgemeester een gloedvol betoog afstak over allerlei problemen en wat hij daar allemaal aan doet en we werden uitgenodigd voor een vergadering over de organisatie van de Téléthon. We dachten eerst aan een soort bingo, maar het bleek een jaarlijkse goed doel actie voor kinderen met spierziekte waaraan heel Frankrijk meedoet. A.s. zaterdag hebben we daarvoor een 10 km wandeling waarmee geld wordt opgehaald. Dat kan natuurlijk niet anders worden afgesloten met een vin d’honneur en een goût (hapje). Ron en ik hebben tijdens de wandeling een controlerende functie (of er niemand verdwaalt of zo.....) en ik breng een hartige taart in. Waarschijnlijk zullen ze ons volgend jaar ook voor de organisatie van allerlei andere activiteiten weten te vinden.

Zoals gezegd, maakte ik tussendoor ook nog een zeer geslaagde wandelreis naar Marokko met een groep. Mits ik voldoende deelnemers kan vinden, staan er voor 2003 3 reizen op het programma. Wie voor mijn Marokkaanse activiteiten belangstelling heeft, moet maar eens op de website www.aziamtrek.com kijken of mij om meer informatie vragen.

Het is weer een heel verhaal geworden - en ik houd me nog wel zo in - maar hiermee zijn jullie weer op de hoogte van de kneuzen in de Creuse (maar dat slaat alleen op Ron en Kanjer natuurlijk).

Tot slot wensen Ron en ik jullie allemaal Fijne Feestdagen en een Gezond en Gelukkig Nieuwjaar!

Corrie

voor een onvergetelijke vakantie in Marokko

kom tot rust in het ook volgens de Fransen nog echte Frankrijk

er eens lekker tussenuit in eigen land

kom eens wandelen op de Franse campagnega